Begrazing in diatomeeënwoud
Gastrotrichs & meiofauna

Begrazing in diatomeeënwoud

Je zweeft op ooghoogte met de basis van een woud van gesteelde diatomeeën, waarvan de waaier­vormige silicavalven op slijmerige, doorschijnende stelen omhoogrijzen als gebrandschilderde glasparaplu's die het amberkleurige licht van de kwartskorrel boven je filteren en breken. Op de gelakte EPS-vloer beneden tekenen zich scherpe Y-vormige schaduwen af, terwijl cyano­bacteriële filamenten als natte zijden draden tussen de stelen hangen en een zwakke interferentieschimmer tonen daar waar het dunne waterfilm hen omhult. Midden in dit gouden woud klemde een Chaetonotus-gastrotrich zich tussen twee aangrenzende stelen, zijn melkwit doorschijnend lichaam amper zo breed als de diameter van één enkele steel: de driestralige pharynx staat wijd open en omvat een intacte diatomeeëncel die, te groot voor de ingang, toch zichtbaar gecomprimeerd wordt door de zuigkracht van het dier. De ventrale trilharen zijn bevroren in hun metachroon ritme, de achterste adhesiebuis verankerd aan een EPS-richel, terwijl Vibrio-bacteriën over de vloer glijden en glanzende slijmsporen achterlaten op het biologische vernis — een wereld van silica, slijm en trilharen die tegelijk oeroud en weelderig aanvoelt.

Other languages